DeutschEnglishFrancais
NiederlandeEspagnolItalianoArabic

Wenst u een afspraak vast te leggen of heeft u vragen?

Stuur ons een email:



Contacteer onze kliniek in Hasselt (B) op het nummer:

+32 11 299 790

of maak gebruik van onze callback service:




Body hair transplantation (BHT) – De transplantatie van lichaamshaar

Normaalgesproken wordt voor een transplantatie op het hoofd het liefst hoofdhaar gebruikt. Soms beschikken patiënten echter niet over voldoende donorhaar, om het gewenste resultaat te bereiken. In dit geval kan lichaamshaar worden gebruikt.

Dit haar lijkt wat vorm en kwaliteit betreft op hoofdhaar. Bovendien kunnen haren van benen, buik, borst, rug, oksels, maar ook van het gezicht voor een transplantatie worden gebruikt. Ook baardhaar kan eventueel als donormateriaal voor een haartransplantatie in aanmerking komen.

Voor bepaalde patiënten is lichaamshaar een bron van duizenden grafts. Dit kan als donorgebied worden gebruikt voor een hogere haardichtheid, om grotere kale plekken op te vullen of voor patiënten die over weinig, geen of een ontoereikende hoeveelheid donorhaar op het hoofd beschikken.

De lichaamsharen worden met de Follicular Unit transplantatie-techniek gewonnen, om littekenvorming te voorkomen. De body hair transplantaten worden net als bij de klassieke haartransplantatiemethode verplaatst.

Wie is geschikt voor een lichaamshaartransplantatie?

Normaalgesproken haalt de arts donorhaar voor een haartransplantatie uit de haarkrans, van de zij- of achterkant van het hoofd dus. Patiënten die voor een ´normale´ transplantatie niet in aanmerking komen, beschikken meestal niet over voldoende haar in het donorgebied. Dit kan komen door haaruitval of een eerdere haartransplantatie, zodat in het donorgebied geen haar meer gewonnen kan worden.

De resultaten van een haartransplantatie met donorhaar dat niet geschikt is, zijn meestal niet goed, omdat op deze manier maar een klein deel van het haarverlies kan worden gecompenseerd en het risico bestaat dat er littekens achterblijven die beter zichtbaar zijn.

Criteria voor de geschiktheidsbepaling van lichaamshaartransplantatie: de Torso Donor-Index

Dr. True gebruikt de volgende methode, om de realiseerbaarheid van een body hair transplantatie te bepalen: de Torso Donor Index (TDI). Bij de TDI, die het donorgebied voor een lichaamshaartransplantatie inschat, gaat het om vijf aspecten:

  • een dichtheid van meer dan 40 FU per cm²;

  • de gelijkenis tussen lichaams- en hoofdhaar;

  • het aantal van 2 en/of 3 haarfollikel (FU’s);

  • de grootte van het donorgebied;

  • de lengte van het lichaamshaar.

Als de index van het donorgebied, dus de lichaamsharen, 4 of minder bedraagt, komt de patiënt niet in aanmerking voor een body hair transplantation. Patiënten met een TDI-score van 5, 6 of 7 zijn beperkt c.q. onder bepaalde omstandigheden geschikt voor een lichaamshaartransplantatie. Patiënten met een waarde van 8 of meer daarentegen, die dus over meer lichaamshaar dan hoofdhaar beschikken, hebben geschikt donormateriaal en zijn daarmee ideale kandidaten voor een BHT.

De verschillen tussen en BHT-FUE en een gebruikelijke FUE:

De techniek van de body hair transplantation is voortgekomen uit de FUE-techniek. Daarbij beslaat het donorgebied het hele lichaam en beperkt het zich niet tot het hoofdhaar. De BHT wordt in eerste instantie toegepast, als het donorareaal op de hoofdhuid niet meer geschikt is of een te geringe haardichtheid heeft voor het winnen van donormateriaal.

In dit geval en als de patiënt voldoet aan de lichamelijke eisen, kunnen folliculaire eenheden direct uit diverse lichaamsdelen, bijvoorbeeld de torso, armen of benen worden gehaald en in de hoofdhuid getransplanteerd/geïmplanteerd. De BHT-FUE biedt dus nieuwe mogelijkheden voor patiënten met een donorgebied dat door verouderde technieken slecht benut of vernietigd is.

Patiënten die in aanmerking komen voor een BHT, dienen aan goede fysiologische voorwaarden te voldoen. Zo moet bijvoorbeeld het lichaamshaar geschikt zijn om als hoofdhaar te dienen. Lichaamsharen doorlopen andere groeifases dan hoofdhaar. Of dat later verandert, is nog niet wetenschappelijk aangetoond, maar uit ervaring blijkt, dat dat wel kan gebeuren.

FU’s, die uit het lichaam worden gehaald zijn anatomisch anders dan hoofdhaar: terwijl folliculaire eenheden van het hoofdhaar uit 1, 2 of 3 haren bestaan, bestaan ze bij lichaamshaar meestal maar uit 1 haar per eenheid.

Het volgende voorbeeld laat duidelijk het verschil zien tussen donormateriaal van hoofd- c.q. lichaamshaar: 60 FU’s per cm² lichaamshaar zorgt voor een haardichtheid van 60-70 haren per cm², terwijl 60 FU’s per cm² hoofdhaar goed is voor een dichtheid van 90-120 haren per cm². Dat maakt duidelijk dat voor een natuurlijk ogende haardichtheid bijna twee keer zoveel body implants dan hoofdhaar implants nodig zijn. Dat is de reden waarom een BHT eerder wordt toegepast om het haar dichter te maken en niet in het geval van beschikbaar hoofdhaar, dat als donormateriaal kan fungeren.

De grootste verschillen tussen een body hair-FUE en een FUE zijn:

  • de groeirichting van de folliculaire eenheden;

  • het huidtype c.q. de conditie van de huid;

  • de diepte van de haarfollikel onder de huid;

  • de dikte en de kwaliteit van de haren (stijl, gekruld, golvend).

De behandelende haarchirurg moet in elk geval over voldoende kennis over en ervaring in beide transplantatietechnieken, dus FUT en FUE, beschikken. Bovendien moet voor een succesvol resultaat op belangrijke punten worden gelet, als:

  • het correct winnen van donorhaar;

  • een juiste voorbereiding van de folliculaire eenheden;

  • het correct bewaren en hydrateren van de gewonnen grafts;

  • de optimale vormgeving van het donorgebied wat de groeirichting en de schikking van de transplantaten betreft;

  • het creëren van een natuurlijke haarlijn;

  • een zorgvuldige werkwijze en toepassing van de juiste techniek, om zo min mogelijk grafts te beschadigen.

Voor het succes van een BHT zijn de volgende factoren belangrijk:

  • het winnen van de haarfollikel;

  • de haarcyclus van het lichaamshaar;

  • de compatibiliteit van hoofd- en lichaamshaar.

De grenzen van de body hair transplantation (BHT)

De techniek van de body hair transplantatie is nog niet zo grondig onderzocht als bijvoorbeeld de FUE en de FUT. Vanwege gebrek aan ervaring en kennis wordt een BHT als laatste transplantatiemogelijkheid aangemerkt.

Onze ervaring tot nu toe wijst op een aangroeipercentage van minstens 70-80%. Dat lijkt niet veel, maar het is in ieder geval vaak nog een kans voor de patiënt. Patiënten die een BHT ondergaan, moeten weten dat hoge aangroeipercentages niet gegarandeerd zijn.

Getransplanteerd lichaamshaar kan na de transplantatie qua structuur veranderen. Het wordt normaalgesproken langer en gladder dan lichaamshaar en past zich opmerkelijk genoeg een beetje aan de structuur van het hoofdhaar aan.

Patiënten die een body hair transplantatie willen laten uitvoeren, moeten weten dat deze behandeling een radicale en laatste mogelijkheid vormt. Successen kunnen daarbij niet worden voorspeld. Dat betekent dat patiënten die een BHT overwegen, aan bepaalde criteria moeten voldoen. Een daarvan is de al genoemde TDI. Patiënten die al een transplantatie hebben ondergaan met een onnatuurlijk resultaat, kunnen voor een BHT in aanmerking komen. Dit kan weer een normaal leven mogelijk maken.

Voor een BHT is een uitvoerig advies- en informatiegesprek net zo belangrijk als een uitermate competente haarchirurg. De uitvoering van een dergelijke behandeling vereist namelijk ervaring, kennis en vaardigheid van de behandelende arts.

In de haarkliniek van dr. Feriduni worden haren van de rug, borst en bovenbenen gebruikt als donorharen voor een haartransplantatie. Vanwege het mogelijk verhoogde risico van littekens transplanteert dr. Feriduni geen baardhaar.